10–20% gewichtsverlies mogelijk
BIG-geregistreerde artsen
Gekoeld & discreet geleverd
Volledig online begeleid

Wat zijn de bijwerkingen van Saxenda?

saxenda-prikpennen

Geschreven en medisch beoordeeld door W. van Donselaar, arts, BIG 79020681301, op 10-06-2026.

Saxenda geeft vaak bijwerkingen, vooral in de eerste weken. De meeste zijn mild en gaan vanzelf weer over. Klachten aan je maag en darmen staan bovenaan. Een kleine groep houdt langer last. Een nog kleinere groep krijgt een zeldzame, ernstige bijwerking waarbij snelle medische hulp nodig is. Welke klachten er zijn, hoe vaak ze voorkomen, wat je er zelf aan kunt doen en wanneer je je arts belt: dat lees je hieronder.

Welke bijwerkingen komen voor?

De bijsluiter deelt bijwerkingen in op hoe vaak ze voorkomen. Voor Saxenda ziet dat er als volgt uit:

Hoe vaak Bijwerking
Zeer vaak (meer dan 1 op 10) Misselijkheid, diarree, braken, verstopping
Vaak (1 op 100 tot 1 op 10) Hoofdpijn, vermoeidheid, duizeligheid, buikpijn, brandend maagzuur, boeren, droge mond, lage bloedsuiker bij combinatie met andere bloedsuikerverlagers
Soms (1 op 1.000 tot 1 op 100) Ontsteking van de alvleesklier, galstenen, nierklachten, versnelde hartslag
Zelden Ernstige allergische reactie

Waarom juist maag en darmen?

Liraglutide, de werkzame stof in Saxenda, vertraagt de maagontlediging. Je eten blijft langer in je maag zitten. Dat helpt je sneller vol te voelen, maar het kan ook misselijkheid en buikpijn opwekken. Vooral bij grote of vette maaltijden merk je dat.

In de opbouwfase is je lichaam nog niet gewend aan dat nieuwe ritme. Daarom zijn de klachten in de eerste weken het sterkst. En opnieuw als de dosis omhoog gaat. Bij de meeste mensen nemen de klachten af binnen twee tot vier weken op een stabiele dosering.

Saxenda is daarom een dagelijkse injectie met een rustig opbouwschema. Je start op 0,6 mg per dag en gaat in stappen omhoog naar 3,0 mg. Elke stap duurt minimaal een week. Te snel ophogen geeft meer kans op klachten zonder dat je verdraagzaamheid heeft kunnen meegroeien.

Wat kun je zelf doen?

Een paar praktische aanpassingen helpen veel:

  • Eet kleinere porties, vaker per dag.
  • Vermijd vette, zware of sterk gekruide maaltijden in de eerste weken.
  • Stop met eten zodra je je vol voelt, ook als je bord nog niet leeg is.
  • Drink kleine slokjes water, verspreid over de dag.
  • Maak een korte wandeling na het eten.

Specifiek voor misselijkheid werken gemberthee, droge crackers en lichte maaltijden goed. Vermijd alcohol in de opbouwfase; dat versterkt klachten.

Bij hardnekkige diarree drink je voldoende en eet je licht verteerbaar (rijst, banaan, geroosterd brood). Zuivel en sterk gekruide gerechten laat je een tot twee dagen staan. Bij verstopping helpen vezels, water en regelmatig bewegen. Houdt een klacht langer dan twee à drie dagen aan, of voel je je echt slecht? Bel dan je arts of de begeleiding van je traject.

Overweeg je de medische manier van afvallen? Plan bij WeightConsult een vrijblijvend gesprek in. Doe onze eigen gezondheidscheck. Weet je of je in aanmerking komt? Vul dan direct de eenvoudige vragenlijst in om het traject te starten.

Wanneer bel je je arts?

De meeste bijwerkingen zijn vervelend maar niet gevaarlijk. Bij deze signalen bel je wel meteen je arts of de huisartsenpost:

  • Aanhoudende, hevige buikpijn, eventueel uitstralend naar je rug. Dit kan wijzen op een ontsteking van de alvleesklier.

  • Tekenen van galstenen: hevige pijn rechtsboven in je buik, vooral na vet eten, soms met geelkleuring van huid of ogen.

  • Tekenen van een ernstige allergische reactie: zwelling van gezicht, lippen, tong of keel, ademhalingsproblemen, hevige uitslag.

  • Tekenen van uitdroging door aanhoudend braken of diarree: weinig plassen, droge mond, duizelig bij opstaan.

Bij twijfel: liever even bellen dan een klacht laten escaleren.

Bij combinatie met andere medicijnen

Saxenda samen met andere middelen verandert het bijwerkingenprofiel. Twee combinaties vragen extra aandacht. Bij insuline of andere bloedsuikerverlagers stijgt de kans op een te lage bloedsuiker (hypoglykemie). Je arts verlaagt dan vaak de dosis van het andere middel. Pas je insuline nooit zelf aan bij start van Saxenda. Bij middelen die op je nieren werken of vocht onttrekken, controleert je arts je nierfunctie extra, zeker als je flink afvalt.

Tijdens een intake brengen we al je medicatie in kaart en beoordelen we waar aanpassing of extra controle nodig is. Gebruik je orale anticonceptie? Door de tragere maagontlediging kan de opname iets veranderen, al is dat zelden klinisch relevant.

Doe de check als je wilt weten of een begeleid traject bij je past en hoe we de eerste weken samen monitoren.

Wegen de bijwerkingen op tegen het effect?

Voor de meeste mensen wel, als de klachten na enkele weken afnemen en het effect intreedt. Voor een kleine groep blijven de klachten te belastend. In klinische trials stopt een deel van de deelnemers vroegtijdig, vaak vanwege bijwerkingen of onvoldoende respons.

Een paar vragen helpen bij die afweging.

  1. Hoe ernstig zijn jouw klachten op een schaal van één tot tien?
  2. Hoeveel hinder heb je in je dagelijks leven?
  3. Welke alternatieven zijn er nog niet geprobeerd, zoals een lagere dosering, een tragere opbouw of een ander middel?
  4. En welke leefstijlverandering ondersteun je al, en welke nog niet?

In een traject bespreken we dit op de evaluatiemomenten. Wie aanhoudend te zware klachten heeft, bespreekt met de arts de opties. Een lagere onderhoudsdosering kan helpen, bijvoorbeeld 2,4 mg in plaats van 3,0 mg, of overstappen op een ander middel.

Voor productinformatie zoals samenstelling, contra-indicaties en bewaring zie de Saxenda medicatieoverzicht. Voor een begeleid traject met Saxenda-injecties waarbij monitoring op bijwerkingen standaard meegaat, kun je de vragenlijst invullen als je in aanmerking komt.

Kernpunten blog

Hoe vaak komen bijwerkingen van Saxenda voor?

Maag-darmklachten zijn de meest voorkomende. Misselijkheid, diarree, braken en verstopping komen volgens de bijsluiter zeer vaak voor: bij meer dan één op de tien gebruikers. Ze treden vooral op in de eerste twee tot vier weken en rond elke dosisverhoging.

Bij hevige aanhoudende buikpijn, blijven braken, zwelling van gezicht of tong, of tekenen van uitdroging. Bel dan meteen je arts of de huisartsenpost. Deze klachten zijn zeldzaam, maar verdienen snelle hulp.

Meestal wel, binnen twee tot vier weken, als je lichaam went. Na elke hogere dosis kan er een nieuwe milde ronde komen, ook tijdelijk. Houdt het aan? Bespreek het met je arts. Langzamer opbouwen of een lagere onderhoudsdosering kan helpen.